Literatuur

Waarom lezen we de klassieken?

Italo Calvino

Dit essay verscheen in 2000, in Nexus 28.
Liever op papier lezen? Bestel hier een exemplaar.

 

Laat ik om te beginnen een mogelijke definitie voorstellen.

1. Klassiek zijn die boeken waarover je gewoonlijk hoort zeggen: ‘Ik ben … aan het herlezen’ en nooit: ‘Ik ben … aan het lezen.’

Dit is althans het geval bij mensen die zich als ‘belezen’ beschouwen; het geldt niet voor de jeugd, de leeftijd waarop de ontmoeting met de wereld, en met de klassieken als deel van de wereld, een eerste kennismaking is.

Het iteratieve voorvoegsel voor het werkwoord ‘lezen’ kan van hypocrisie getuigen bij iemand die zich schaamt om toe te geven dat hij een bepaald beroemd boek niet heeft gelezen. Om hem gerust te stellen volstaat de opmerking dat er, hoe belezen iemand ook is in de ‘vormende’ literatuur, toch altijd een enorm aantal fundamentele werken overblijft dat hij niet heeft gelezen.

Wie de hele Herodotus en alles van Thucydides heeft gelezen, mag zijn hand opsteken. En Saint-Simon? En kardinaal de Retz? Maar ook de grote negentiende-eeuwse romancycli worden meer genoemd dan gelezen. In Frankrijk wordt Balzac nu langzamerhand op school gelezen en aan het aantal uitgaven dat in omloop is, zou je kunnen afleiden dat men hem ook later blijft lezen. Maar als er in Italië een onderzoek naar zou plaatsvinden, dan vrees ik dat Balzac op een van de laatste plaatsen zou eindigen. De Dickens-fans in Italië vormen een beperkte elite van mensen die wanneer ze elkaar ontmoeten meteen personages en passages ophalen alsof het gaat om mensen die ze kennen. Toen Michel Butor er jaren geleden tijdens zijn docentschap in Amerika genoeg van kreeg almaar vragen te krijgen over Zola, die hij nooit had gelezen, besloot hij de hele Rougon-Macquart-cyclus door te nemen. Hij ontdekte dat die heel anders was dan hij had gedacht: een fabelachtige mythologische en kosmologische genealogie, die hij in een schitterend essay heeft beschreven.

Ik wil maar zeggen dat het een buitengewoon genoegen is als je pas op rijpere leeftijd voor het eerst een groots boek leest: een ander genoegen (maar het is niet te zeggen of het groter of geringer is) dan als je het in je jeugd gelezen hebt. De jeugd verleent aan de lectuur net als aan elke andere ervaring een bijzondere smaak en een bijzonder belang, terwijl je op rijpere leeftijd waardering hebt (of zou moeten hebben) voor veel meer details en lagen en betekenissen. Daarom kunnen we het eens proberen met een anders geformuleerde definitie: