0

Nexus instituut

Harry Mulisch leest Nexus © Joost van den Broek Harry Mulisch leest Nexus © Joost van den Broek


Tijdschrift Nexus

Nexus 30 - 31. Na 11 september

Eigentijdse en oneigentijdse beschouwingen

Nexus 30 - 31. Na 11 september

2001
€ 10,00


Het meest inzichtelijke commentaar op ‘11 september 2001’ werd reeds in 1939 geschreven: het magistrale De Ilias of het gedicht van de kracht van Simone Weil. Alles wat zich boven de tijd weet te verheffen, is het meest bij de tijd.

In dit dubbelnummer staan eigentijdse en oneigentijdse beschouwingen over de aanslagen in de Verenigde Staten, zoals de Nexus-lezing 2001 Amerika en Europa na 11 september door Richard Holbrooke.

 





Inhoud

De wijsgeer koning
Rob Riemen

pagina 3


Socrates bezocht in het Athene van de vijfde eeuw v. Chr. een bijeenkomst van vooraanstaande persoonlijkheden, waar gedebatteerd werd over welk soort bestuur de menselijke waardigheid op de beste wijze kon waarborgen. De conclusie van het debat luidde dat alleen wijsgeren rechtvaardige heersers zouden zijn. Thomas Mann schreef een vervolg op dit debat in de vorm van twee imaginaire gesprekken over dezelfde problematiek, één van voor en één van na de Eerste Wereldoorlog, waarin de zorg over de naderende ineenstorting van de Europese beschaving duidelijk doorklinkt. Niet lang daarna zou deze beschaving door het verraad van de intellectuelen in levensgevaar gaan verkeren.


“Is 11 september een aanval op onze beschaving of de consequentie van het gebrek aan beschaving?”


Lectori salutem bij de nummer 30-31
Rob Riemen

pagina 5


Bij nader inzicht blijken ook na '11 september 2001' juist oneigentijdse beschouwingen naadloos te passen bij meer actuele benaderingen van het probleem van macht en geweld in onze wereld.


“Een cultureel tijdschrift dat slechts enkele malen per jaar verschijnt, zal onontkoombaar gericht zijn op oneigen- tijdse beschouwingen.”


De oorlog van allen tegen allen: terreur en angstpolitiek
Benjamin Barber
Vertaling Ineke van der Burg

pagina 41


Terrorisme valt buiten alle democratische kaders en daarom hebben democratische landen er geen adequate antwoorden op. Het enige antwoord op de krachten, die chaos en angst zaaien is een wereldwijde open samenleving, met politieke vrijheid en ruimte voor religies.


“Het dilemma waarmee het probleem van het moderne terrorisme begint, vloeit direct voort uit de logica van het sociale contract: in een democratie mogen mensen geen bommen gooien.”


11 september 2001, een maand later
Steven Beller
Vertaling Joris Vermeulen

pagina 59


Vele oorzaken voor de aanslagen in de Verenigde Staten passeren de revue: de suprematie op het gebied van economie en technologie, de kortzichtige en arrogante buitenlandse politiek en de weinig fraaie wijze waarop George W. Bush het presidentschap bemachtigde. Toch kunnen alleen de Verenigde Staten de wereldgemeenschap behoeden voor een steeds verdergaande spiraal van terroristisch geweld door open en constructief leiderschap.


“Niet onschuld maar zelfgenoegzaamheid is het juiste woord om de Amerikaanse mentaliteit van voor 11 september te omschrijven.”


Na 11 september De vorming van het derde transatlantische bondgenootschap
Richard Holbrooke
Vertaling Jan Willem Reitsma

pagina 83


Alleen hernieuwing en verbetering van het Amerikaans-Europese bondgenoodschap zal het hoofd kunnen bieden aan het gevaar van het terrorisme. Dit kan niet zonder de noden in de derde wereld doeltreffend te lenigen. (Nexus-lezing 2001)


“11 september markeert het begin van een nieuw tijdperk in de wereldpolitiek: een tijdperk dat op dit moeilijke moment vol van dreigingen lijkt, maar ook nieuwe uitdagingen biedt, nieuwe kansen, die wij moeten aangrijpen.”


Brief aan Menachem Arnoni
Wim Kayzer

pagina 103


Kayzer analyseert in zijn brief aan zijn overleden vriend zijn reacties en overpeizingen naar aanleiding van 11 september 2001.


“Voor me ligt je laatste brief, geschreven vijf dagen voor je, in 1985, dood neerviel op de huiskamervloer, na een leven dat in het teken had gestaan van Auschwitz, Auschwitz, Auschwitz.”


Leiders, volken en een gedicht
Aleksa Djilas
Vertaling Roel Schuyt

pagina 137


De complexe verhouding van het Oost-Europese Servië met West-Europa wordt beschouwd door een Servische intellectueel. Zijn land krijgt alleen aandacht en tijden van crisis, zodra deze voorbij zijn, verzinkt de hele regio weer in vergetelheid. Deze ambivalente houding komt duidelijk naar voren in de rechtzaak tegen Milosovic. Naast hem zouden tenminste ook de Kroatische leider Tudjman en Hasim Thaci, de voorman van de UCK in Kosovo moeten zitten, want dan zouden ook hun Servische slachtoffers voor het oog van de wereld komen.


“Ik ben blijkbaar een paranoïde Balkanees, want als ik het woord 'Europa' hoor, verwacht ik een pistool op me gericht te zien.”


De kunst van het gedenken, de uitdaging van een nieuwe taal- na 11 september 2001
László F. Földényi
Vertaling Mari Alfoldy

pagina 161


Met de komst van het derde millennium blijft de twintgste eeuw doorgaan en de aanslag op de WTC-torens in New York past helemaal bij de twintigste eeuw met zijn technologische verschrikkingen, die gebruikt worden in dienst van heilloze ideologieën. Voor een echte nieuwe eeuw moet een nieuwe ethiek en een nieuwe taal gevonden worden. De mens moet een "disject" worden, die de culturele waarden wil behouden, maar ze niet tot heersend principe verheft, om anderen te onderdrukken.


“De verwoesting van het WTC is een typisch verschijnsel van de twintigste eeuw.”


De Leerschool van het Westen Over de lijkrede van Pericles
David Rijser

pagina 177


Misschien zal de elfde september later door historici als het einde van de liberale democratie gezien worden. Zal er ooit een Thucydides opstaan, die onze staatsvorm een zo treffende begrafenisrede zal meegeven?


“Het gewapende conflict tussen Athene en Sparta heeft een enorme weerklank gevonden in de annalen van de westerse cultuurgeschiedenis.”


Lijkrede van Pericles
Thucydides
Vertaling M.A. Schwartz

pagina 183


Grafrede uitgesproken door Pericles bij de begrafenis van staatswege voor hen die in de oorlog waren gevallen.


“Wij hebben een staatsvorm die niet een kopie is van de instellingen van onze naburen. In plaats van anderen na te bootsen zijn wij juist een voorbeeld voor hen. Onze staatsvorm heet een democratie, omdat ze in handen is van velen en niet van enkelen. In persoonlijke geschillen verzekeren onze wetten gelijk recht aan allen en de publieke opinie eert een ieder die zich door iets onderscheidt in het openbare leven boven anderen, niet om de klasse, waartoe hij behoort, maar om zijn waarde alleen.”


Tolstoj en de paradox van de geschiedenis
Nicola Chiaromonte
Vertaling Louise Becht

pagina 191


Tolstoj worstelde met de tegenstrijdigheid van het persoonlijke leven van een individu en de dwang, die hem in het sociale verkeer door machten buiten wil worden opgelegd. Deze tegenstrijdigheid wordt niet alleen in zijn roman Oorlog en vrede uitgewerkt, maar is ook het Leitmotiv van Anna Karenina.


“Het doel van Oorlog en vrede was laten zien "wat er echt gebeurt", de werkelijke relatie tussen het individuele feit en het meer algemene "historische" feit.”


Het belang van Simone Weil
Czeslaw Milosz
Vertaling Nina d'Oliveyra

pagina 219


In haar korte bedwongen leven doorliep zij vele fases, waarbij zij van aanhangster van uiterst links tot bekeerlingen tot het katholicisme werd. Haar liefde voor en kennis van de klassieken was echter in al haar levensfasen constant, zoals blijkt uit de toegevoegde vertaling van haar artikel "De Ilias of het geicht van de kracht".


“Simone Weil keerde de geschiedenis niet de rug toe en was een voorstander van persoonlijke betrokkenheid.”


De Ilias of het gedicht van de kracht
Simone Weil
Vertaling Josine Fonderie

pagina 231


Deze onorthodoxe franse filosofe geeft haar interpretatie van de kracht van het Griekse heldendicht De Ilias, waarin zij oorlog en geweld poogt te ontrafelen en verbanden zoekt tussen de Griekse en de Christelijke traditie.


“Uit de macht een mens in een ding te veranderen door hem te doden vloeit een andere, nog veel ontzaglijker macht voort: de macht een ding te maken van een mens die blijft leven. Hij leeft, hij heeft een ziel; toch is hij een ding. Een ding met een ziel is een vreemd wezen, voor de ziel is het een vreemde toestand. Wie weet hoeveel het haar elk ogenblik kost om zich daarin te schikken, zich in bochten te wringen, zich in zichzelf terug te trekken? Een ziel is niet gemaakt om in een ding te wonen; als zij dat noodgedwongen toch doet, wordt alles in haar geweld aangedaan.”


Macht in de vorstenspiegel van Pascal
Willem Witteveen

pagina 257


De drie korte verhandelingen over de positie van hooggeplaatsten moeten gezien worden als een schakel in de lange keten van de literair-filosofische traditie van de Vorstenspiegels, die met name in de Italiaanse Renaissance zeer geliefd waren. Pascal voelt echter deze voorbeelden maar gedeeltelijk, omdat hij een nieuwe macht introduceert, waaraan ook de groten der aarde onderworpen zijn, nl. de macht van het geloof. Zijn bespiegelingen over macht, morele plicht en verantwoordelijkheid zijn nog steeds actueel.



Drie vertogen over de positie der hooggeplaatsten
Blaise Pascal
Vertaling Janneke van der Meulen

pagina 265