Literatuur

Goudzand

Verhalen, dagboeken en brieven

Konstantin Paustovski
Van Oorschot, Amsterdam, 2016

Door Stijn Bouma, student filmregie in Sarajevo

Bestel dit boek via Athenaeum Boekhandel
Maar liefst zes delen beslaat Verhaal van een leven, het autobiografische werk van de Russische schrijver Konstantin Paustovski. Al die delen had hij nodig: hij werd geboren in 1892 en groeide op in het huidige Oekraïne in de tsaristische periode; daarna maakte hij het uitbreken van de Russische revolutie en beide wereldoorlogen mee; vervolgens leefde hij onder het Sovjetregime, voor hij in 1968 overleed in Moskou. Een turbulente levensloop zoals weinigen beleefden.

In Verhaal van een leven doet Paustovski verslag van de vele reizen die hij maakte. Het is zo mooi geschreven dat de lezer zich slechts nieuwsgierig kan afvragen wat Paustovski in de jaren erna nog heeft gedaan. Tussen het einde van Verhaal van een leven in de jaren ’30 en Paustovski’s dood in de jaren ’60 liggen immers nog de Tweede Wereldoorlog en de (post-)Stalinistische periode.

Die vragen zijn nu, met de publicatie van Goudzand, beantwoord. Goudzand is een bundeling van nog niet eerder in het Nederlands vertaalde brieven, dagboekaantekeningen en enkele korte verhalen van Paustovski. Het bevat ook enkele journalistieke stukken uit de Tweede Wereldoorlog die je zou kunnen omschrijven als ‘Propaganda op z’n Paustovski’s’. Dat wil zeggen: lofzangen op heroverde steden en een gepassioneerde beschrijving van het vroegere leven daarin. Ze staan vol zinnen die typisch zijn voor Paustovski’s schrijfstijl: lyrisch, zonder dat ze te exotisch worden of bol staan van valse romantiek.

Dankzij de brieven en dagboekaantekeningen in Goudzand leren we een andere kant kennen van Paustovski. Meer nog dan in Verhaal van een leven schrijft hij over zijn persoonlijke voorkeuren en motieven. Zo verklaart hij zijn reislust in een voorwoord bij de verzameling: ‘je kunt alleen door reizen en trekken, en voortdurend in aanraking te zijn met het leven, instaat zijn het wezen van een tijdperk te doorgronden en doorvoelen, en anderen – voor zover je krachten daartoe reiken – deelgenoot maken van op feiten berustende waarnemingen.’

Wie de memoires kent, zal niet verbaasd zijn dat ook in Goudzand bij vlagen de neerslachtigheid over Paustovski heen komt. Ook leren we zijn liefdevolle kanten kennen, evenals zijn overtuigingen over het leven in het algemeen en het schrijverschap in het bijzonder. Interessant zijn de in zeer scherpe en korte zinnen opgebouwde dagboekaantekeningen die dienst doen als een grote verzameling geheugensteuntjes; het ruwe materiaal dat Paustovski zou omvormen tot zijn memoires. Zo krijgen we ook een beter idee van zijn schrijfproces. Hij merkt hierover op: ‘je moet dagelijks aantekeningen maken. Anders lossen de dagen op als rook, als een rossige luchtspiegeling’.

Daarnaast spreekt uit de gebundelde fragmenten duidelijk het belang dat hechtte aan geestelijke ontwikkeling en zijn liefde voor kunst en literatuur. Zo beschrijft hij zijn ervaring met Het Laatste Avondmaal van Da Vinci: ‘Het is alsof er een wonder gebeurt. Dat is de indruk die het op je maakt en die je voor altijd bij zal blijven.’ Een inspirerende blik, zeker in onze tijd, waarin de waarde van beeldende kunst al snel gereduceerd wordt tot de prijs die een werk op een veilig heeft opgebracht of het aantal bezoekers dat het op een ‘blockbustertentoonstelling’ heeft getrokken.

Goudzand is chronologisch opgebouwd en begint bij de Eerste Wereldoorlog. Paustovski’s brieven en aantekeningen uit deze tijd zijn het intenst. Prachtig is de brief waarin hij korte metten maakt met elke romantische illusie van heldhaftigheid die de jeugd soms koestert over de oorlog. Nadat hij toegeeft zich aan diezelfde zonde te hebben beschuldigd, beschrijft hij hoe deze illusie snel verloren ging aan het front. Daarnaast bevatten de schrijfsels uit deze periode fragmenten waaruit blijkt dat hij, ondanks de hel waarin hij zich bevond, toch altijd op zoek bleef naar poëtische schoonheid. In zijn beschrijvingen van de Russische revolutie merkt hij zijn afkeer op van demagogie en van het categoriseren van de vijand – twee fenomenen die ook in onze tijd de kop op steken.

Ook zijn leven in de jaren ’50 en ’60 komt langs, voornamelijk met beschrijvingen van reizen, maar ook het leven onder het juk van het Sovjetregime met al zijn commissies en vervolgingen. We lezen dat Paustovski zich mengt in de strijd tegen vervolging van enkele collega’s. Tijdens een lezing waagt hij zich aan een omschrijving van een type mens dat precies past binnen het systeem en er op geniepige, lage wijze toe komt anderen aan te geven. Dit werd natuurlijk niet gewaardeerd door de regering, maar zelf heeft Pautovski er uiteindelijk niet al te veel last van ondervonden.

Daarnaast uit Pautovski zijn oprechte waardering en bewondering voor collega’s uit zijn tijd, meerdere malen zijn er verwijzingen te vinden naar onder andere Babel, Achmatova en Boenin. Naar aanleiding van een reis door onder meer Frankrijk blijkt ook dat hij een langdurige vriendschap ontwikkelde met een Russische immigrante, die ook de muze van Matisse was.

Toch bevredigt Goudzand niet volledig. Sommige periodes en gebeurtenissen lijken overgeslagen te zijn. Hoe ervoer Paustovski bijvoorbeeld het eind van de Tweede Wereldoorlog? Tegelijkertijd komen er veel trivialiteiten langs in de brieven. Hoe iemand van de ene plek naar de andere komt en hoe de logistiek achter medicijndistributie is niet altijd even interessant meer voor ons. Dit zijn echter in het geheel bezien maar kleine kanttekeningen voor wie verwend is door en gewend is aan Paustovski’s scherpe, gestileerde observaties uit zijn memoires.

In onze drift en nadruk op het heden kan het goed zijn om ons af en toe in een andere tijd onder te dompelen. Het is de grote verdienste van Paustovski dat hij ons zo kundig deelgenoot maakt van het leven in zijn tijd, en daarom is het aan te raden eerst de memoires te lezen. Wie ze uit heeft en niet genoeg kan krijgen van Paustovski (wat zeer waarschijnlijk is), komt vanzelf uit bij Goudzand.