Waar alle wegen ophouden site

Waar alle wegen ophouden

Sana Valiulina
Prometheus, 2024

Bestel dit boek  bij onze partner Athenaeum Boekhandel

 

Door Marleen Rensen, universitair docent Moderne Europese Letterkunde

Wie was mijn vader? Wat vormde hem, wat bewoog hem, welke pijn droeg hij met zich mee? Veel mensen zullen zulke vragen hebben, maar voor de Ests-Nederlandse schrijfster Sana Valiulina (1964) zijn het buitengewoon prangende vragen, die haar al jaren intensief bezighouden. Voor haar eerdere roman Didar en Faroek (2006) had zij zich al in de geschiedenis van haar ouders verdiept, maar het verhaal van haar vader wilde ze ook vertellen zónder de distantie van fictie. Een eerste aanzet deed ze met ‘Drie (te) korte stukjes over mijn vader’ in de bundel Winterse buien of Ben ik wel geïntegreerd genoeg? (2016) die met de Jan Hanlo Essayprijs bekroond werd.

In die drie stukjes beschrijft Valiulina het wonderlijke leven en lot van haar vader, die in 1922 geboren werd in een Tataars gezin in Moskou en kort voor de milleniumwisseling overleed in de Estse hoofdstad Tallin. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd hij door het Rode Leger naar het front gestuurd, raakte gewond en werd gevangengenomen door de Duitsers. Vervolgens belandde hij in Frankrijk en Engeland en werd kort na de oorlog, samen met miljoenen andere Russische krijgsgevangenen, als ‘landverraders’ naar de goelag gestuurd. Dat hij tien jaar in verschillende kampen doorbracht, was een familiegeheim waar Valiulina pas over hoorde toen ze een jaar of zeventien was. In de Sovjet-Unie werden krijgsgevangenen zoals haar vader niet alleen naar kampen verbannen, maar ook verzwegen en genegeerd, alsof zij nooit bestaan hadden. Ze pasten niet in de heröische geschiedenis van de ‘Grote Vaderlandse Oorlog’ waarover Valiulina op school leerde. Pas in de Sovjettijd van de jaren negentig kwam er stukje bij beetje aandacht voor hun lot.

In het essay Wortel en tak (2021) schreef Valiulina een uitgebreider biografisch essay over haar vader, die werd meegesleurd in de maalstroom van de geschiedenis van de twintigste eeuw, voortgestuwd door Hitler en Stalin. Voor de NPO maakte ze er vervolgens een documentaire van, Wend je lichaam naar de zon (2022), waarin ze haar vaders levensverhaal belicht met behulp van indrukwekkend historisch beeldmateriaal van de mensenmassa’s die door Europa en de Oeral verplaatst werden tijdens de oorlogsjaren en de terreur van Stalin. En nu is er een compleet boek. Waar alle wegen ophouden is het schitterende sluitstuk van een queeste, en een prachtig, ontroerend en rijkgeschakeerd portret van haar vader.

Centraal staat Valiulina’s bezoek aan een oorlogsmuseum in Bayeux in Normandië, waar ze tot haar stomme verbazing foto’s van haar vader ontdekt in het tijdschrift Yank, dat in een vitrine hangt en is opengeslagen bij het artikel ‘De Russen in Normandië’. Ze leest dat de ‘kleine korporaal’ met de naam van haar vader zich aan de Amerikanen had overgegeven en Russische krijsgevangenen had aangemoedigd hetzelfde te doen. De foto’s in Yank tonen hem in uniform, in het gezelschap van Amerikaanse legerofficieren, aan wie hij op een kaart laat zien waar de Duitse troepen zich bevinden. Volgens de uitleg bij het artikel was haar vader in Duitse gevangenschap aangeboden om voor het Duitse leger te vechten, wat hij haast niet kon weigeren omdat hij en zijn medegevangenen anders geen eten kregen. Eenmaal aan het front in Frankrijk was hij overgelopen naar de geallieerden. De foto’s zetten Valiulina op het spoor van een zoektocht die naar archieven leidt in Frankrijk, Engeland en Rusland.

Met behulp van de militaire dossiers die ze opspoort, maakt Valiuna een reconstructie van het leven van haar vader – en vooral van de tien jaar die hij in Russische goelags doorbracht. Ze wil achterhalen waarom hij door het Militaire Tribunaal in Moskou veroordeeld is, wat hij gedaan heeft en welke misdaden hij gepleegd heeft. Hoewel ze van alles te weten komt over de gevechten aan het front, over de goelags waar hij naartoe werd gestuurd en hoe de omstandigheden er waren, blijven ook veel vragen over: Was haar vader nou door de Amerikanen krijsgevangen gemaakt of heeft hij zich overgegeven, zoals ze in Yank had gelezen? Had hij later ook geprobeerd om uit het krijgsgevangenkamp in Engeland te vluchten? Valiulina hoopt het, ze wil geloven dat haar vader probeerde zijn lot in eigen hand te nemen en zich als vrij individu verzette tegen het machtige systeem.

Waar alle wegen ophouden laat zich lezen als een poging van de schrijfster om haar vader te rehabiliteren; niet als militair, maar als een uniek, individueel mens met een eigen wil, met dromen, angsten en verlangens. Want precies dat werd kapotgemaakt in het Sovjetimperium, dat zijn eigen soldaten als grof vuil afdankte en tot ballingen maakte in hun eigen land. ‘Waarom leef je nog?’, werd hun bij thuiskomst gevraagd. Soldaten werden geacht zichzelf te doden vóór ze gevangen werden genomen door de vijand, dat was het bevel van Stalin. Dus wie als gevangene levend thuiskwam, had wat uit te leggen. Zo’n ijskoud, harteloos onthaal wachtte miljoenen krijgsgevangenen zoals haar vader, die in grote drommen werden opgedreven naar de strafkampen in de Oeral en Siberië. In haar verbeelding ziet Valiulina hem lopen:

in een stroom van mensen die net als hij uit het leven zijn gestoten, hun gezichten weggevaagd door angst, geweld en vernedering. Hij loopt door de Oeral, het hart van Rusland. Met iedere stap die hij zet lost zijn lot op in het lot van miljoenen, het collectieve lijden wist al zijn individuele trekken uit en ontneemt hem zijn stem. Het materiaal voor het Grote Imperium heeft noch het een, noch het ander nodig.

Valiulina geeft haar vader weer een gezicht en een stem, met behulp van zijn dagboeken, brieven en aantekeningen. Hij komt tot leven als een kunstliefhebber, een belezen man en een scherpzinnig observator van zijn tijd, die geen enkele illusie had over het ‘socialistisch paradijs’. In het licht van de huidige tijd is het verbluffend, zo niet pijnlijk, te lezen dat hij op 1 maart 1976 in zijn dagboek noteert dat Solzjenitsyn, de auteur van De Goelag Archipel, het Westen op de Britse televisie waarschuwt dat het ‘zijn eigen graf graaft’ door ‘eindeloos aan Moskou toe te geven’.

Valiulina’s persoonlijke herinneringen kleuren het portret verder in met rake schetsen van de rusteloze, ondernemende man, die vaak tot het uiterste ging om zijn dochters in te wijden in de wereld van kunst en literatuur. Je ziet ze voor je, de spartaanse bergtochten langs de begraafplaatsen van zijn geliefde dichters: in korte broek en ontbloot bovenlijf gaat hij in snelle pas vooruit, zij sjokt erachteraan. Mooi ook is het ‘ter communie gaan’ bij must-see Mona Lisa na een urenlange rij in een snikheet en stoffig Moskou. Valiulina’s vader wilde laten zien dat er nog een andere wereld was, buiten de Sovjet-Unie, waar plaats was voor schoonheid, menselijke warmte en liefde. De ‘kleine korporaal’ zou altijd blijven dromen van een vrij leven in West-Europa. Klagen deed hij niet, hij hield zich als Sovjetburger wel staande in Tallin, waar hij naartoe verhuisde na de goelag omdat hij van de staat niet meer in zijn geliefde Moskou mocht wonen. Hij trouwde er met Valiulina’s moeder, een Moskouse die tijdens de oorlog voor het geweld was gevlucht en jarenlang met hem had gecorrespondeerd toen hij in kampen verbleef. Zij heeft heel wat met hem te stellen gehad, dacht Valiuna later. Haar vader kon helemaal in zichzelf gekeerd zijn. Soms was dat stilte voor de storm en ontstak hij na dagenlang zwijgen in een hevige woede. Zulke uitbarstingen verraadden iets van de pijn en vernedering die hij gevoeld moet hebben in het land dat totaal onverschillig bleef over zijn lot en wegkeek alsof hij lucht was.

Zijn traumatische ervaringen met het wrede Sovjetregime hebben haar zelf ook gevormd, beseft Valiulina. ‘Mijn vader en ik haten en vrezen hetzelfde. We hebben vliegangst en we haten Stalin’. Haar vaders vliegangst ging terug op de oorlog waarin hij als parachutist midden in de nacht uit een vliegtuig moest springen en wat wodka had gekregen om zich moed in te drinken. Het idee dat angst in je lijf gaat zitten en van generatie op generatie wordt doorgeven, zet Valiulina kracht bij door te verwijzen naar het wetenschappelijke experiment met muizen die een stroomstootje kregen terwijl in hun kooi de geur van kersenbloesem werd geblazen. Na herhaling begonnen de muizen alleen al van angst te beven bij het ruiken van de geur. Opmerkelijk genoeg vertoonde hun nageslacht dezelfde fysieke reactie bij de geur van kersenbloesem, al hadden zij nooit stroom toegediend gekregen.

Als kind van een getraumatiseerde vader voelt Valiulina soms ook een lichamelijke afkeer van Rusland. Het land boezemt haar vooral angst in: ‘Ik ben bang voor Rusland, altijd geweest’, schrijft ze. Valiulina laat haar lezers het ‘gruwelijke wezen van het Sovjetregime’ voelen met beeldende beschrijvingen van de Permregio, ‘die eindeloze, witte leegte van het enorme, koude hart van Rusland’. ‘Mijn hart krimpt ineen’, schrijft ze, wanneer ze de weg volgt die haar vader er heeft afgelegd. Valiulina heeft veel liefde gelegd in het portret dat ze van hem schetst, dat poëtisch is, en vooral doorleefd. Wat de lezer erin treft is de menselijkheid. Daarmee is het een radicaal verzet tegen het systeem van het Grote Imperium dat draait om de ‘Mens met een hoofdletter’ die alle individualiteit moest opgeven voor het collectief. Juist omdat het over één mens gaat, maakt deze kleine geschiedenis ook iets invoelbaar van de grote, gruwelijke geschiedenis van de Russische krijgsgevangenen in de goelags. En de waarheid daarover móét verteld worden, dat voel je op elke pagina van dit krachtige boek.

Het kwaad behoort niet tot de verleden tijd, suggereert Valiulina: ‘het kwaad is een oerkracht, een elementair, onuitroeibaar deel van ons aardse Russische bestaan’. Afgezien van een enkele verwijzing naar de annexatie van de Krim gaat ze niet in op de oorlog in Oekraïne, maar de lezer zal die oorlog ongetwijfeld in gedachten hebben bij de beschrijvingen van het meedogenloze, kille Rusland. Hoewel ‘het Westen’ zich inmiddels wel bewust is van het Russische gevaar, zal Valiulina denken dat je niet genoeg kan waarschuwen voor het land waar Stalin, die miljoenen Sovjetkrijsgevangenen liet vermoorden of in kampen stoppen, sinds kort weer op eerherstel kan rekenen. In mei 2025 kreeg hij nog een nieuw, groots monument in een Moskous metrostation. Wie Waar alle wegen ophouden gelezen heeft, krijgt het er koud van.